Stilte

Aan het eind van de dag was er een bijzonder mooi uitzicht over de rivier. Ik dacht terug aan twee minuten stilte rond half twee ’s middags. Op deze dag in 1944 moet het een oorverdovend lawaai zijn geweest, precies toen.
Dat was om 13.28 uur.
22 februari 1944 werd een groot deel van Nijmegen, waaronder de oude binnenstad, verwoest door een regen van bommen.
Nu was het stil. Het was een aangrijpende stilte die een oude man, zittend in een stoel in de buitenlucht, direct dikke tranen in zijn ogen deed opwellen. Hij bevond zich ver uit het zicht van allen staand rondom het oorlogsmonument genaamd ‘De schommel’.
Noem het toeval of niet: tijdens de twee minuten stilte dreven de wolken uiteen. Niet helemaal, maar langs de gevel van het stadhuis, waarachter de herdenking plaatsvond, stak een fel licht waar amper in te kijken was.
Er werden kransen gelegd. Toen de laatste krans naar het midden werd gedragen trok één vrouw de aandacht van één man, een grote brede kerel, een security-type. Niemand zag het, hoopte ze, maar ja, ze had ineens haar hand een stukje in de lucht gestoken. De man draaide direct zijn hoofd. Had hij ogen in zijn nek?
Zijn oplettende blik veranderde van het ene op het andere moment in een lach. De vrouw had een lieveheersbeest op haar tas gevonden. Terwijl ze haar vinger omhoog hield, klom de kleine kever naar het hoogste punt, klaar voor de vlucht.
Het diertje wilde naar een boom, de oude kastanje die nu onderdeel is van een oorlogsmonument. De boom is zó oud dat Addy Hendriks er nog onder gespeeld had als kind, toen Gerrits genaamd.
Destijds stond op deze plek de school waar zij op zat. Nu is ze 80 jaar en in een toespraak vertelde ze dat zij een van de vijf kinderen was die het bombardement van Nijmegen hadden overleefd. Haar broertje Jopie van drieëneenhalf was omgekomen. Lang had ze zich afgevraagd ‘wat als’ en of ze niet iets had moeten doen, had ze hem mee moeten nemen naar de gang? Daar ging ze nét toen de vliegtuigen overscheerden haar mooie nieuwe kralenketting pakken, gekregen van oma. Jopie zat in de klas een boterham te eten.
Haar vader was later nog in het rokende puin gaan zoeken. Hij vond een ‘schoentje met inhoud’. Bij het geïmproviseerde mortuarium waar Jopie bleek te liggen, kreeg vader de raad maar niet te gaan kijken.
De waanzin van de oorlog heeft Addy, die aangeeft vele jaren therapie te hebben gehad, naar eigen zeggen sterker gemaakt. Dat is een troost.
Over vele herdenkende hoofden zoefde een stipje. Vastberaden op weg door de hemel van Nijmegen.

 

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Advertenties